Business coach tips – Voor ZZP en ondernemer

Hoe Jolanda haar praktijk veranderde van uurtje-factuurtje naar het aanbieden van programma’s

Van uurtje-factuurtje naar programma’s aanbieden. Dat klinkt ideaal, maar kan het ook voor jouw praktijk of kantoor? En waar loop je dan tegenaan? Lees het verhaal van Jolanda* en ontdek hoe zij het heeft aangepakt en wat jij daarvan kunt leren. 

*Jolanda bestaat niet echt, ze is een combinatie van een aantal klanten die ik als businesscoach de afgelpen jaren heb begeleid. 

De stap naar werken met programma’s is niet alleen geschikt voor psychologen zoals Jolanda, maar kan bijvoorbeeld ook voor een fysiotherapeut, orthopedagoog, masseur, ostheopaat, voedingsdeskundige. 

Ook buiten de gezondheidszorg kun je op deze manier werken, het kan ook als je werkt als: jurist, mediator, boekhouder, accountant, tekstschrijver of copywriter, social media strateeg, interim professional, coach, organisatie-adviseur, en in vele andere dienstverlenende beroepen.  

Ze is allang niet meer echt enthousiast over haar werk

Jolanda is psycholoog. Op fietsafstand in de stad heeft ze haar praktijk, waar ze mensen helpt die vastgelopen zijn. Veel van haar clienten worden doorgestuurd door de huisarts, maar er komen tegenwoordig steeds meer mensen via-via. Daardoor is haar praktijk de afgelopen jaren langzaam volgestroomd en heeft ze inmiddels een wachtlijst. 

Klinkt als een ideaal bedrijf? Ja en nee. Als Jolanda aan vrienden of collega’s over haar bedrijf vertelt, voelt ze zich dubbel. Ze verdient goed en haar praktijk zit vol. Ze heeft toch niks te klagen? Toch knaagt het. Als ze eerlijk is, is ze allang niet meer enthousiast over haar werk. 

De client die ze bijna wilde afsnauwen

Vorige week betrapte ze zichzelf erop dat ze een client bijna wilde afsnauwen, toen deze voor de derde keer een afspraak wilde verzetten:

‘Het is echt heel dringend, ik moet met de klas van mijn jongste mee naar het museum en geen enkele andere ouder kan rijden’. Jolanda bleef beleefd aan de telefoon, maar inwendig kookte ze. 

Ook merkt ze dat ze steeds vaker moe thuiskomt. Vooral op dinsdagavond heeft ze het zwaar. Na twee intensieve dagen werken ligt ze meestal op de bank naar Netflix te staren. Doodmoe.

Soms droomt ze van een groter huis, met een royale tuin. Daar kan ze vast meer tot rust komen, genieten van het leven. Maar waar moet ze zo’n huis van betalen? Ze werkt hard en kan echt niet meer clienten aan. 

Als Jolanda eerlijk is tegen zichzelf, moet ze toegeven dat haar eigen bedrijf haar steeds meer energie en moeite kost. Moet ze misschien stoppen met haar praktijk? Iets anders gaan doen? Maar wat dan? Zo dwalen haar gedachten rondjes, terwijl ze doorklikt naar een nieuwe aflevering op Netflix.

Jolanda komt er zelf niet meer uit. Hoe kan het anders?

Lees het hele artikel

Een contentkalender voor je sociale media: doorbraak of drama?

Als zelfstandige professional of ondernemer wil je goed zichtbaar zijn op sociale media. Facebook, LinkedIn of je eigen emaillijst: je volgers moeten regelmatig van je horen. Maar waar schrijf je over? En hoe zorg je ervoor dat dat schrijven er van komt?

Dé oplossing die sommige mensen promoten is ‘de contentkalender’. Dat is een overzicht, waarin je bijvoorbeeld voor de komende weken of maanden aangeeft over welk onderwerp je wanneer gaat publiceren. Het lijkt het ei van Columbus. Met zo’n kalender wordt sociale media bijhouden natuurlijk een fluitje van een cent. Toch?

Of werkt het anders?

Contentkalender: top of flop?

Voordat je nu stopt met lezen en direct een schema gaat maken waarin je precies plant wat je de komende weken waarover gaat publiceren: stop! Ga nog even niets doen, maar lees even rustig door. Een contentkalender is soms namelijk een heel goed idee. En soms helemaal niet.

Soms zorgt een contentkalender voor een heerlijke structuur en flow in je bedrijf. En soms is de contentkalender als een drupje olijfolie in een vers getapt glas bier: dat slaat alles dood. Hoe kan dat?

Lees het hele artikel

Is jouw bedrijf een wonderkind?

‘Hee, jij bent toch ondernemer? Hoe gaat het met je bedrijf?’
Wat zeg je dan? Het makkelijk antwoord is: 
‘Ja, het gaat goed. Ik heb fijne klanten en vermaak me uitstekend!’

Of zeg je hoe het er echt voorstaat:
‘Ik ben stikdruk en werk elke avond tot laat. Ik ben jaloers op mensen in loondienst, die om zes uur hun werk op kantoor kunnen achterlaten. Ik werk al maanden veel te hard!’

Of:
‘Ik ben een paar jaar geleden voor mezelf begonnen, maar ben zo eenzaam. Ik heb online veel contacten, maak mooie reizen en verdien uitstekend. Maar mijn leven voelt leeg en zinloos, omdat ik vooral alleen achter de computer zit!’

Of:
‘Ik ben nu al een aantal jaren bezig, maar mijn bedrijf komt niet van de grond. Ik leef op inkomen van mijn partner. Eigenlijk heb ik geen bedrijf!’

Of:
‘Ik heb fijne klanten en verdien goed. Maar ik vind mijn werk zo saai. Ik doe steeds hetzelfde en de inhoudelijke uitdaging wordt elke week minder. Ik kom niet toe aan het werk dat ik eigenlijk zou willen doen. Mijn bedrijf is mijn gevangenis!’

We willen allemaal succes

Als ondernemers willen we allemaal succesvol zijn. Succes heeft vele kanten: genoeg verdienen, fijne klanten, sociaal contact, een zinvolle bijdrage leveren aan de wereld, uitdagend werk doen.

Dat is een hele rij voorwaarden die we onszelf stellen. Daarbij willen we ook nog eens dat ons bedrijf elk jaar aan al die voorwaarden voldoet.

Wonderkind Mozart. Hij was trouwens niet heel goed in voetballen. En ook niet in Nederlands.

Het is alsof je een kind hebt, waarvan je wilt dat het én goed kan tekenen, maar ook voor Nederlands een negen haalt en met sport en muziek uitblinkt. Je weet dat zoiets voor je kind onmogelijk is.

Toch willen we als ondernemers allemaal dat ons bedrijf zo’n wonderkind is.

Wij moeten van ons bedrijf een wonderkind maken

Sterker nog: we vinden dat wij, als ondernemers, van ons bedrijf zo’n wonderkind moeten maken.

Als wij maar hard genoeg werken, de goede doelen stellen ‘en die in beton gieten’, de goede trainingen volgen, de juiste website laten bouwen, de goede apps gebruiken… Als wij maar assertief en agressief en hyperactief genoeg zijn, dan ontstaat dat droombedrijf vanzelf. Toch?

Hoe zou het zijn als het anders kan?

Hoe zou het zijn als het anders kan? Als het niet zo hoeft? Hoe zou het zijn om al die ambitieuze doelen wat los te laten?

Natuurlijk wil je genoeg verdienen en werk doen waar je blij van wordt. Natuurlijk wil je fijne klanten die je inspireren. Maar wat als je daar eens wat zachter voor gaat werken? De lat niet hoger leggen, maar juist wat lager.

Hoe zou het zijn als je die avond niet overwerkt om alles af te maken, maar buiten gaat wandelen om de goede prioriteiten te stellen?

Hoe zou het zijn als je die middag niet druk bent met nieuwe klanten vinden, maar in het park met geliefden van de zon geniet (of de regen)?

Hoe zou het zijn als je niet naar die dure training gaat, maar jezelf trakteert op een dag gratis boeken lezen in de bibliotheek?

Hoe zou het zijn als je de lat niet hoger legt, maar net een beetje lager?

Hoeveel rust, ontspanning en plezier gaat dat je geven? Hoeveel rijker gaat je leven daardoor worden? Hoeveel overvloed ga je jezelf daardoor geven?

En hoeveel beter zou jou bedrijf daardoor gaan draaien?

Kun jij groeien vanuit overvloed?

Op de middelbare school kreeg ik economie-les van meneer Simons. Terwijl de regen tegen de beslagen schoolramen kletterde, leerde hij ons: ‘Economie gaat over de rationele verdeling van schaarse goederen’. Later op de universiteit studeerde ik Technische Bedrijfskunde. Daar leerde ik hetzelfde. Jaren daarna, toen ik me in mijn eigen bedrijf verdiepte in zacht werken en spiritualiteit, ontdekte ik dat het destijds fout had geleerd.

Ik had het destijds verkeerd geleerd.

Economie gaat niet over ‘schaarste’ en ‘rationele verdeling’. Tenminste: zo kun je er wel naar kijken, maar dan kijk je op een armoedige manier. Je kijkt dan met de bril van schaarste, van ‘tekort’, bezuinigingen, krappe budgetten. Terwijl er een leukere manier is om naar de economie te kijken. Dat is de manier van start-ups, van innovatieve bedrijven, van vrolijke groei, van eigenwijze innovatoren zoals Steve Jobs. Wat is die andere manier van economie? Dat is de economie die draait om creatief scheppen van overvloed.

Lees het hele artikel

Tip 7: Vis waar je vissen zijn

Veel ondernemers denken dat ze het goed doen, als ze overal online aanwezig zijn: LinkedIn, Pinterest, Facebook, Twitter, Instagram, YouTube, podcasts in iTunes en ga nog maar even door. Is dat handig? Tja, het is een beetje alsof je wilt vissen, maar ondertussen achter elk konijntje aanrent dat je ziet. Niet echt handig. Hoe pak je het dan wel aan? Wat moet je kiezen? Waar moet je beginnen?

Waar zitten jouw vissen?

Dat is relatief eenvoudig: ga vissen waar je vissen zitten. Dat klinkt als oude wijsheid van een voetbalgoeroe en als die goeroe sociale media had gekend had hij het vast een keer in een late-night-show op televisie gezegd. Het is namelijk een wijsheid als een… uhm… vis.

Dat klinkt als een oude wijsheid van een voetbalgoeroe.

Sociale media zet je niet zomaar in. Je gebruikt ze om contact te onderhouden met je fans. Maar waar zitten jouw fans online? Dat is de plek waar jij ook wilt zijn. Dat is niet overal.

Wil je werken met jonge moeders met zwangerschapsverlof? Dan kan een Facebookgroep een hele geschikte plek zijn. Maar richt je je op drukke leidinggevenden? Die vind je daar niet, ze zijn veel te druk voor Facebook. Je kunt dan eindeloos fijne berichtjes op Facebook plaatsen, waar je tante Jannie steevast een ‘like’ bijzet, maar je manager-fans bereik je niet.

Een keuze voor sociale media begint met een keuze voor je fans

Een keuze voor sociale media begint daarom altijd met een keuze voor je fans. Wat vinden je fans leuk? Waar zitten ze online? Pas als je dat weet, kun je zelf op die plek je hengeltje uitgooien. Natuurlijk kan het best even zoeken zijn voor je die goede visstek hebt gevonden, maar die speurtocht is de moeite waard.

In mijn bedrijf zijn sociale media niet het belangrijkste.

Zelf heb ik ontdekt dat sociale media niet het belangrijkste zijn in mijn bedrijf. Het plaatsen van berichten laat ik daarom over aan mijn sociale media manager (mijn zoon van 19, die Bedrijfskunde studeert, via mijn bedrijf goede ervaring opdoet en een leuk zakcentje verdient). Mijn eigen aandacht gaat naar waar ik echt klanten mee krijg: het schrijven van boeken, artikelen, blogs en het verzenden van mijn wekelijkse nieuwsbrief via email. Dat is mijn stek.

Laat je fans naar je toe zwemmen

Pak je het echt goed aan, dan kun je vervolgens als een echte visser te werk gaan, en hoef je helemaal niet zo hard te werken om je fans naar je toe te laten zwemmen. Bijvoorbeeld: bij mijn nieuwste boek helpen mijn fans me, doordat ze zich zelf aanmelden als meelezer en me waardevolle feedback geven, waar het boek nog veel beter mee wordt. Dat zijn nog eens fans om enthousiast van te worden.

Check voor jezelf: Wie zijn jouw fans en op welke online media zitten ze vooral? Als je maar op één plek zou mogen vissen, welke plek kies je dan?

Dit artikel is een onderdeel van de serie ‘fijn online met je bedrijf zijn’, met zeven tips. Via deze link lees je de andere artikelen.

Tip 6: Doe niet alles, maar doe het goed

Veel ondernemers denken dat ze het goed doen, als ze overal online aanwezig zijn: LinkedIn, Pinterest, Facebook, Twitter, Instagram, YouTube, podcasts in iTunes en ga nog maar even door. Is dat handig? Tja, het is een beetje alsof je aan de tienkamp meedoet op de Olympische Spelen en daarnaast ook kampioen met je hockeyteam wilt worden: je kunt ook teveel willen.

Hoe pak je het dan wel handig aan?

Een belangrijke richtlijn is: doe niet alles, maar doe het goed. Dat klinkt makkelijk, maar is het niet. Hoe word je namelijk goed in iets? Door het vaak te doen, door je te verdiepen, door te leren hoe iets werkt. Hoe wordt je sneller goed: door van alles een beetje te doen, of door je te focussen op één ding en daar alles van te ontdekken? Natuurlijk door dat laatste: focus helpt je sneller beter te worden.

Je snapt het al: als je iets op alle sociale media wilt doen, doe je al gauw van teveel te weinig. Het is slimmer om te kiezen. Ga een half jaar maar één sociaal netwerk inzetten, maar zorg dat je daar alles van leert.

Je doet al gauw van teveel te weinig.

Juist op die manier ga je ervaring opbouwen, kost het je allemaal minder tijd en worden je boodschappen beter. Juist dan ga je je onderscheiden, juist dan ontdek je de slimmigheidjes die anderen over het hoofd zien. Juist dan ontdek je wat werkt voor jouw fans en jouw bedrijf.

Kies één ding en geef jezelf de tijd om daar goed in te worden. Het is hét recept voor een gouden-sociale-media-medaille en een ontspannen bedrijf.

Check voor jezelf: als je het komende half jaar in één ding op sociale media veel beter zou kunnen worden: wat is dat dan? Waar ga jij het komend half jaar aan de slag voor jouw gouden medaille?

Klik hier en lees de andere tips uit deze serie ‘fijn online zijn met je bedrijf’.

Ontvang elke week vanzelf de nieuwe artikelen in je e-mail
Naam
E-mailadres

Zoeken op deze website